i-blocks inzetten voor taal – spelen met letters

Geplaatst door op mrt 22, 2014 in Materiaal | Geen reacties
  • houder - boek
  • oefening 1 b1
  • oefening 9 b2
  • oefening 11 b1
  • oefening5 b1
  • oefening12 b1

In een kleuterklas is het belangrijk om regelmatig met letters, klanken en woorden bezig te zijn. Dit kan in kringactiviteiten, kleine kringen, zelfstandig, in circuit vorm en ga zo maar door. Maar wat je er altijd bij nodig hebt is materiaal. En laten I-blocks daar nou prima voor ingezet kunnen worden!
I-blocks helpen je om met letters, klanken en woorden bezig te zijn. En dat terwijl je het ziet, hoort en zelf ervaart! En het leuke is dat je de juf of meester er niet perse erbij nodig hebt.

Doelgroep: 4,5 tot 7 jaar
iBlocks kopen

Het materiaal

Hier zie je de i-blockhouder met de blokjes het boekje wat ik ga gebruiken heb ik er al ingeschoven. De i-blocks gaan aan wanneer je op een van de toetsen boven aandrukt.
Als je op het blauwe knopje in de houder drukt wordt de vraag herhaald. Ook kun je het volume regelen.
Bij de i-blocks zijn verschillende accessoires te koop. Bij de startset met betrekking tot taal zitten twee boekjes:

  • Daan en Roos op de boerderij
  • Daan en Roos

Je kunt ook de volgende boeken met betrekking tot taal erbij kopen:

  • Daan en Roos op vakantie
  • Ik ben Rik
  • Rik op de boerderij
  • Rik bij opa en oma

Aan de slag met de i-blocks

Ik laat je nu zien wat voor oefeningen in het boekje van de i-blocks over taal te vinden zijn.
Bij elke oefening wordt mij eerst gevraagd of ik alle blokken in de houder wil leggen. De blokken bij de rode lampjes heb je niet nodig en kan je weg leggen. De blokken met de groene lampjes heb je voor deze oefening wel nodig. Elke keer als ik een bladzijde omsla moet ik alle blokken terug in de houder leggen. Het systeem van de i-blocks is zo intelligent dat de houder merkt wanneer je een bladzijde hebt omgeslagen.
Elke keer als ik een blokje in de houder leg wordt de klank netjes fonetisch uitgesproken. Als de letter goed is komt er een blauw lampje onder te staan. Is de letter niet goed is het lampje rood. De klank wordt dan evenwel uitgesproken. Maar het geeft mij het signaal dat wat ik gedaan heb niet goed is. Als ik het hele woord heb gemaakt lichten de lampjes onder de blokken groen eerst worden de letters uitgesproken en daarna wordt er een woord van gemaakt.
Het systeem van de i-blocks is zo intelligent dat als ik bijvoorbeeld de midden- of eindklank al wil leggen ik te horen krijg dat ik in het gele vakje moet beginnen. Het lampje onder het eerste vakje licht dan geel op. De i-blocks leren mij dan meteen om van links naar rechts te werken.

Bij de eerste oefening moet ik  het woord ‘roos’ na leggen. Vervolgens moet ik ook zelf de andere woorden van deze bladzijde leggen.

Bij een volgende oefening moet wordt er een woord genoemd. Dit woord moet jij vervolgens leggen. Alle woorden die je moet leggen zijn in de tekening zichtbaar.

Op de volgende bladzijde staat een oefening waarbij ik  zelf de woordjes onder de plaatjes moet leggen. Het aantal vakjes geeft aan hoeveel letters er gelegd moeten worden. Deze oefening komt in meerdere varianten voor. Er kan bijvoorbeeld ook een praatplaat getoond worden waarbij je hoort welk woordje je moet leggen.Het kan ook zijn dat je een geluid hoort welke je op een boerderij hoort. Dat woord moet je dan na leggen. Deze geluiden ben je al eerder in het boekje tegen gekomen dus het hoeft geen probleem te zijn.

Een volgende oefening hoor je eerst een woord bijvoorbeeld rok. Om rok staat ook een cirkel. Bij deze oefening moet je alle woorden waar een cirkel omheen staat leggen. Het vraagt dus van jou dat je goed naar de plaat kijkt waar een cirkel omheen staat.

Er is ook een oefening waarbij je een zin hoort  maar de zin is nog niet afgelopen. Er ontbreekt een woord! Je hoort bijvoorbeeld: ‘Roos geeft Daan een …’. Je moet dan goed naar de plaatjes kijken wat Roos aan het doen is en dat woordje moet je leggen. In de moeilijkere variant van deze oefening zie je een grote plaat. Je moet ook hier de zin weer afmaken. Maar daarvoor moet je heel goed naar de plaat kijken. Je hoort bijvoorbeeld: ‘Sil vist met een …’ Je moet dan eerst goed naar de plaat kijken en dan vervolgens leg je het woordje ‘net’.

Er is ook een vrij oefening daarbij mag je alle blokken gebruiken. Je mag dan zelf woordjes bedenken. Je kunt hiervoor denken aan de woorden de je al eerder hebt moeten leggen.

Bij deze oefening wordt me gevraagd eerst naar de tekening te kijken. Er wordt dan gezegd ‘in de rok van Roos zie ik de letter r, leg de letter r’. Ik moet dan opzoek gaan naar de letter ‘r’ en deze neerleggen.
Er is ook een moeilijkere variant van deze oefening in het boekje ‘Daan en Roos’. Hierbij word je ook gevraagd om letters te leggen die genoemd worden. Maar dan zijn de letters die je moet vinden niet meer zichtbaar.

Er is ook een oefening waarbij je goed naar de tekening moet kijken. Je hoort vervolgens een klank/letter. En jij moet een woord zoeken wat met die klank begint. Daarna moet je dat woord leggen. Een vervolg hierbij In deze oefening hoor je eerst een woord en wat de laatste letter/klank van dit woord is, vervolgens wordt je gevraagd of je nog een woord ziet wat op deze letter/klank eindigt. Dit woord moet je dan leggen.

In deze oefening hoor je een woord. Bijvoorbeeld pop. Pop heeft de ‘o’ in het midden. Je krijgt dan de vraag waar je een woord ziet wat nog meer een ‘o’ in het midden hoort. Dit woord moet je dan leggen. Ook middenklanken kun je met de i-blocks oefenen!

Ook rijmen komt bij Daan & Roos aan bod. In deze oefening worden eerst alle woordjes genoemd. Vervolgens krijg je te horen wat rijmt er op doos. Dan moet jij vervolgens opzoek naar het woord dat er op rijmt en dat leggen. In de moeilijkere variant krijg je weer de vraag ‘wat rijmt er bijvoorbeeld op sok?’. Je moet dan in de tekening goed kijken waar pijlen bij staan. Want het woordje is niet meer gegeven! Alle woorden die je moet gebruiken bij het rijmen heb je wel al eerder gehad. Het woordje dat rijmt moet je dan vervolgens leggen.

Tips voor in de klas

Ik heb de i-blocks geïntroduceerd in een kleine kring. Ik heb samen met de kinderen een aantal pagina’s van het boek gedaan. Want ik vind het belangrijk dat kinderen eerst goed weten hoe het materiaal werkt. Wat ik zelf als leerkracht heb gedaan is gewoon de i-blocks een weekend mee naar huis genomen. Om de boekjes eens goed door te werken. Zo wist ik zelf ook wat de boekjes precies allemaal inhouden.
Verder laat ik kinderen graag per tweetal met de i-blocks werken. Dit omdat ze dan samen kunnen overleggen hoe ze aan de slag gaan. En elkaar kunnen helpen als ze er niet uitkomen.
Als ik een kind individueel met de i-blocks aan de slag laat gaan dan doe ik ze vaker een koptelefoon op. Een kind wordt dan niet gestoord door de rest van het geluid uit de omgeving.

Wat leer je van de iBlocks?

Als je naar de kerndoelen kijkt leer je van de iBlocks het volgende:

Kerndoel 11
De leerlingen leren een aantal taalkundige principes en regels. Zij kunnen in een zin het onderwerp, het werkwoordelijk gezegde en delen van dat gezegde onderscheiden. De leerlingen kennen:

  • regels voor het spellen van werkwoorden
  • regels voor het spellen van andere woorden dan werkwoorden
  • regels voor het gebruik van leestekens.

Met als belangrijkste tussendoelen:

  • ontwikkeling fonemisch bewustzijn (groep 2 en 3)
  • herkennen van beginrijm in langgerekte woorden
  • herkennen van beginrijm in gewoon uitgesproken woorden
  • toepassen van beginrijm
  • klinker in een woord isoleren
  • auditieve analyse op klankniveau

Mijn Mening

Ik ben erg enthousiast over het werken met de i-blocks. Alle zintuigen worden namelijk gestimuleerd tijdens het werken met de i-blocks. Je hoort wat je neerlegt, je krijgt geluidsfeedback en zichtbare feedback. Ook de oefeningen zijn erg sterk. Je oefent namelijk:

  • Zoeken van een letter op een blokje naar aanleiding van een gehoorde klank.
  • Zoeken en leggen van een woord dat je gehoord hebt.
  • Leggen van eigen bedachte woorden met de i-blocks.
  • Na leggen van woorden.
  • Afmaken van zinnen, welk woord moet je dan nog leggen?
  • Woorden leggen op basis van een geluid en je geheugen.
  • Zoeken en na leggen van woorden naar aanleiding een rijmwoord dat je gehoord hebt.
  • Zoeken en leggen van woorden naar aanleiding van een rijmwoord dat je hoort. Het rijmwoord dat je moet leggen is dan niet meer zichtbaar in letters, wel in de vorm van een pijl.
  • Leggen van woorden op basis van begin-, midden- en eindklank.

En wat ik de grootste plus vindt is dat de leerling er na een korte instructie zelfstandig mee aan de slag kan! Je kan fouten maken maar de i-blocks corrigeren je. Geweldig!

Meer informatie over de i-blocks kun je vinden op hun website

Related posts:

Leave a Reply